In gesprek met …

Jan van Susante (voorzitter) en Arjen Bultsma (vicevoorzitter)

Sinds juli 2017 heeft PNB een nieuwe voorzitter, namelijk Jan van Susante (64 jaar) en een nieuwe vicevoorzitter, namelijk Arjen Bultsma, (41 jaar). Aangezien ze nu ongeveer 10 maanden deze rol vervullen, is tijd voor een interview met de beide bestuursleden.

Wat doet u in het dagelijks leven naast uw werk als voorzitter van het PNB?
 

Jan van Susante: ‘Ik ben recent met pensioen gegaan. Ik heb bouwkunde en rechten gestudeerd en heb vervolgens als bedrijfsjurist en beleggingsmanager gewerkt bij het ABP en als divisiedirecteur van het Bouwfonds. Het voorzitterschap van het PNB is nu mijn belangrijkste taak. Daarnaast ben ik al heel lang actief als vrijwilliger bij natuurbeschermings- en monumentenbeschermingsorganisaties. Ook ben ik ongeveer 10 jaar bestuurslid geweest van een kerkelijke stichting op het gebied van pastoraal werk in Limburg.’

Arjen Bultsma: ‘Ik ben priester van het bisdom Groningen-Leeuwarden. Voor de helft van de tijd werk ik als pastoor van de Zalige Titus Brandsma parochie te Bolsward, Workum, Makkum en Witmarsum. Voor de andere helft werk ik als bisschoppelijk vicaris van het Vicariaat Friesland-Noordoostpolder en geef ik leiding aan de pastorale dienstverlening van ons bisdom. Daarnaast ben ik op verschillende manieren betrokken bij de oecumene in Nederland. ‘

Hoe lang bent u nu (vice-)voorzitter? Wat was voor u de voornaamste reden om (vice-)voorzitter te worden?
 

Jan van Susante: ‘De voornaamste reden om voorzitter te worden is dat ik maatschappelijk actief wilde zijn en dat ik  de kerk veel goed werk zie doen. De overheid heeft zich teruggetrokken op veel maatschappelijke gebieden en veel nieuwe initiatieven zijn kwetsbaar. Er zijn veel situaties waarin mensen van de kerk hulp bieden. Denk maar aan mensen in crisis of in nood, vluchtelingen, verwarde mensen op straat, mensen in achterstandsgebieden of mensen die een plek zoeken voor gemeenschappelijke initiatieven. Daar heb ik de kerk vaak een heel goede rol zien vervullen.’

‘Toen ik in Hoevelaken werkte en mijn gezin aan het zuiden gebonden was heb ik door de week  in een gasthuis van de kerk in Zeist gewoond. Daar heb ik gezien en gehoord hoe de mensen van de kerk zich belangeloos inzetten. Daarnaast wil ik mijn juridische en financiële achtergrond in kunnen zetten. ‘

Arjen Bultsma
: ‘Toen de zittingsperiode van de vorige vicevoorzitter was afgelopen, zocht men binnen het bestuur een opvolger uit de groep van niet-uitvoerend bestuurders. Dat moest iemand zijn met enkele jaren ervaring. Zodoende waren er twee kandidaten die niet stonden te springen, maar die ook niet zouden weigeren mochten ze gekozen worden. Ik was daar een van en ben het uiteindelijk geworden.’

‘Als de voorzitter uitvalt, dan ben ik als vicevoorzitter zijn vervanger. Dat is, ook buiten het voorzitten van een vergadering, toch een hele verantwoordelijkheid. Je hebt de verantwoordelijkheid over de pensioenen van de deelnemers. Dat doe je als bestuur natuurlijk wel samen, maar de voorzitter heeft een belangrijke rol, namelijk om het noodzakelijke bestuurlijke werk soepel te laten verlopen.’

Hoe bevalt het tot nu toe om voorzitter te zijn? 
 

Jan van Susante: ‘De rol van voorzitter is uitdagend en interessant, maar ook buitengewoon complex. Er komt veel bij kijken. Zo hebben we elke maand wel te maken met nieuwe regelgeving of andere bijzondere zaken. Ik ben algemeen bestuurder, dat wil zeggen dat ik van alles een beetje moet weten en als een helikopter erover heen moet vliegen. Pensioenregels, actuariaat, fiscaliteit, communicatie, verslaglegging, privacy en nog veel meer. Veel vraagstukken zijn heel complex en uniek, vooral als de kerkelijke regelgeving en verhoudingen een rol spelen. Dan kun je niet terugvallen op de standaard-expertise. Vaak kost het een hele tijd voor je alle aspecten die bij een kwestie een rol spelen in kaart hebt. En daarna  moet de oordeel- en  besluitvorming nog  beginnen.’

‘Daarbij komt ook nog, dat de organisatie van het fonds relatief omvangrijk is, met verschillende  commissies, adviseurs, externe relaties en toeleveranciers. Maar ook met verschillende organen die deels weer hun eigen achterbannen hebben. En allemaal regels over wie wat moet doen. Uiteindelijk gaat het om evenwichtigheid en transparantie, voor zover mogelijk, met het oog op een goede oude dag voor de deelnemers. Daarbij moet we rekening houden met de belangen van alle partijen. Als gevolg van de ontwikkelingen op al die gebieden en in de politiek stellen de samenleving en de deelnemers steeds hogere eisen aan  pensioenbestuurders. Dat  vormt uiteindelijk de grootste strategische uitdaging. ‘

Arjen Bultsma
: ‘Sinds ik zo’n 6 jaar geleden redelijk blanco bij het bestuur kwam heb ik mij goed  ingelezen en een cursus gevolgd . Ik ben geleidelijk in de nieuwe wetgeving en veranderingen gegroeid omdat ik er sinds ik bestuurslid ben altijd mee bezig ben geweest. Het is in mijn ogen een teken van waardering dat het vertrouwen vanuit de collega-bestuurders in mij is uitgesproken. Ik zit op het reservebankje voor het geval het nodig is om de rol als voorzitter tijdelijk te vervullen.’

‘Als vicevoorzitter heb ik een studiedag voor het bestuur georganiseerd en begeleid als dagvoorzitter. Verder is het nog niet nodig geweest om de voorzitter te vervangen. Het hele bestuur bestuurt en is verantwoordelijk, we maken wel een onderscheid tussen uitvoerende en niet uitvoerende bestuurders. Er zijn drie uitvoerende bestuurders die alle bestuurlijke kwesties actief behartigen en in contact staan met de diverse uitbestedingspartijen. PNB heeft namelijk alle uitvoerende werkzaamheden ten aanzien van fondsbeheer en administratie uitbesteed, maar beslist zelf over het beleid en de daaraan verbonden gewenste koers. Ik denk dat we met elkaar op een goede en verantwoorde manier vormgeven aan het PNB-bestuur en ben daar tevreden mee.’

Welke belangrijke speerpunten heeft het bestuur? 
 

Jan van Susante: ‘Allereerst is het volgen van alle ontwikkelingen en veranderingen een belangrijk aandachtspunt. Er komt van alles op ons af. We moeten veranderen, maar hoe kunnen we dan het beste veranderen? Hoe gaan we daar bij dit pensioenfonds mee om.’

‘Daarnaast is het een permanente uitdaging om de samenstelling van het bestuur goed te houden. Op dit moment zoeken wij voor  twee uitvoerend bestuurders een opvolger. Dat zijn enorme zoektochten en puzzels. Kandidaten moeten niet alleen veel kennis hebben van hun aandachtsgebieden (bijvoorbeeld pensioenen), maar moeten ook gevoel hebben voor de omgeving waarin ze gaan functioneren.’

‘Ook op het gebied van duurzaamheid ligt er een uitdaging. We gaan het duurzaamheidsbeleid opnieuw bekijken. Van een kerkelijk pensioenfonds als het PNB wordt in de maatschappij verwacht dat dit onderwerp regelmatig en zorgvuldig  tegen het licht wordt gehouden.’

‘En natuurlijk het betaalbaar houden van de pensioenen op de lange termijn. We hebben te maken met een veroudering van het deelnemersbestand. En met parochies die de premies niet meer kunnen betalen. Uiteraard staan we er als pensioenfonds goed voor met een dekkingsgraad van ruim boven de 130 %, maar daarbij moet niet vergeten worden dat de beurzen nu heel goed zijn, dat er weinig nieuwe jonge deelnemers bijkomen, dat de rente laag lijkt te blijven, dat de meeste economieën niet meer de groei van weleer (zullen) behalen,  etc.’

Arjen Bultsma
: ‘Er zijn verschillende thema’s die onze aandacht vragen. Allereerst maatschappelijk verantwoord beleggen en duurzaamheid. Maar ook de toenemende complexiteit van de materie en niet te vergeten de bestuurbaarheid van het fonds. We hebben een klein fonds. Het bedrag per deelnemer dat we aan kosten maken is nu niet aan de lage, maar ook niet aan de hoge kant. De kosten blijven niettemin een aandachtspunt. Er is een spanningsveld tussen de noodzakelijke kwaliteit en de kosten. Zo willen we bijvoorbeeld geen hoge vergoedingen betalen voor een bestuurslidmaatschap, terwijl er vanuit de pensioencode wordt opgeroepen om vergoeding en verantwoordelijkheid in een goed evenwicht te houden. Dat is begrijpelijk, aangezien  De Nederlandsche Bank (DNB) een maximum stelt aan het aantal bestuurlijke functies dat iemand heeft in de steeds professioneler opererende pensioenwereld. Dat zijn dingen waar we in het belang van ons fonds mee moeten dealen. We zullen evenwel niet zo snel samengaan met andere fondsen vanwege het bijzonder karakter van het fonds.’

Welke belangrijke ontwikkelingen spelen er de komende periode en hoe gaat het fonds daarmee om?
 

Jan van Susante: ‘De politiek wil mensen graag meer keuzes gaan bieden als het gaat om hun pensioen. Het is nog niet duidelijk welke mogelijkheden voor individualisering er zullen komen. Het is belangrijk dat mensen straks voldoende kennis van zaken hebben om een goede keuze te kunnen maken en dat ze zich er goed bij voelen dat ze keuzes kunnen maken. Het kan best dat veel van onze deelnemers liever een standaardmodel hebben, omdat ze erop vertrouwen dat wij als bestuur weten wat verstandig is. En het kan ook dat er een groep is die wel de mogelijkheid wil hebben om te kiezen. En we moeten ons afvragen hoe groot die groep minstens moet zijn om dergelijke keuzemogelijkheden te kunnen bieden. Want dat is best ingewikkeld en kostbaar.’

Arjen Bultsma: ‘Het is belangrijk om zorgvuldig om te blijven gaan met de eigen karakteristieke achtergrond van het pensioenfonds. Hoe gaan we zaken in de toekomst inrichten en hoe zorgen we er toch voor dat het recht doet aan de kerkelijke instelling die we zijn. Zo hebben we geen cao-tafel waar arbeidsvoorwaarden worden uit-onderhandeld, zijn er 2 reglementen waarmee we heel verschillende categorieën deelnemers bedienen en hechten we als uitvoerder van een deel van de zorgplicht aan een goed contact met de bisschoppen  De bisschoppen hebben niet meer formeel het laatste woord, maar we willen ze wel betrokken houden. We moeten dus in de toekomst aan de ene kant zorgvuldig met deze specifieke achtergrond omgaan, terwijl we aan de andere kant ook aan allerlei belangrijke wettelijke zaken moeten voldoen.’

Hebt u een tip voor de deelnemers van het PNB?
 

Jan van Susante: ‘Probeer goed te bedenken hoeveel geld je straks nodig zult hebben, uitgaande van je ambities en mogelijkheden. Houd er rekening mee dat rendementen tegen kunnen vallen. Ondanks dat heel erg belangrijke aspecten (bijvoorbeeld je levensverwachting of het risico van geopolitieke incidenten) dat lastig maken, is het altijd verstandig om zo’n inschatting regelmatig te maken, eventueel met de hulp van een deskundige.’

‘En daarnaast nog een tip: vraag je met het oog op de toekomst nu al af of je te zijner tijd wilt kunnen kiezen uit allerlei pensioenvarianten of dat je liever een standaard volgt. Onderschat niet wat er allemaal bij komt kijken als je zelf mag (moet) kiezen, daar is veel kennis en durf voor nodig. Als je die niet hebt en toch kiest ben je aan het gokken. Dat bevelen wij je niet aan als het gaat om je oude dag.’

Arjen Bultsma: ‘Mijn tip is om zo nu en dan even stil te staan bij je pensioen. Zeker voor actieve deelnemers is het goed om je eigen pensioen in de gaten te houden. Het pensioen bij het PNB is goed geregeld, maar alle persoonlijke omstandigheden zijn verschillend. Vooral voor priesters zijn veel zaken geregeld als ze nog werken, maar hoe zit het bijvoorbeeld met de belasting als je met pensioen bent? Is de pensioenuitkering bruto of netto? En hoe zit het de huisvesting? Het is belangrijk om je dat van tevoren te realiseren en alvast wat berekeningen te maken.